Dutch: Path of Resistance

by Per Herngren translated by Susan van der Hijden.
The whole Path of Resistance book in English.

Hoofdstuk 1

 

Het pad van verzet: over burgerlijke ongehoorzaamheid

Wat is burgerlijke ongehoorzaamheid?

Ongehoorzaamheid is niets nieuws. Burgelijke ongehoorzaamheid echter, is een vrij nieuw fenomeen. Het begrip burgelijke ongehorzaamheid kwam het eerste van de Amerikaanse schrijver Henry Thoreau, en werd uitgelegd in zijn klasieke essay,  “ Civil Disobedience,” uitgebracht in 1849.[1] Als protest tegen slavernij, onderdrukking, en de oorlog van de VS tegen Mexico, weigerde hij om oorlogs belasting te betalen. Het weigeren om oorlogs belasting te betalen was geen nieuw idee: het werd onder andere gebruikt door de anti-slavernij Abolitionisten. Karl Marx heeft ook geprobeerd een kampagne te organiseren om mensen er van te overtuigen geen belasting te betalen tijdens de revolutie in Europa in 1884. Het orginele van Thoreau’s idee was dat hij er op stond dat de gemeenschap reageerde. Thoreau zag burgelijke ongehoorzaamheid als een hele entiteit, waar straf minstens zo belangrijk was als het breken van de wet. Dit maakte van burgelijke ongehoorzaamheid een byzondere actievorm. Straf -of het bezweren van de macht van het straffen- is de ware basis van burgelijke ongehoorzaamheid. Thoreau had beargumenteerd dat “ actie vanuit principes, de waarneming en het uitvoering van recht,” boven de wet staat en fundamenteel revolutionair is.[2] De regering van een land is machteloos zonder de medewerking en gehoorzaamheid van haar bevolking. Mahatma Gandhi, die de strijd tegen het Engelse kolonialisme in India leidde, liet in de praktijk zien dat massale ongehoorzaamheid de macht van de staat kan uitschakelen. “ Wanneer de mens zich realiseerd dat het onmenselijk is om onrechtvaardige wetten te gehoorzamen, dan zal geen tyranie hem meer tot slaaf maken,” zei Gandhi.[3]

Dit leid ons naar een ander orgineel aspect van Thoreau. Zijn verzet was gericht op gehoorzame burgers, niet op de regering die opdracht gaf tot onrechtvaardige daden. Het waren de burgers die de voornaamste doelgroep  waren en zijn voor burgelijke ongehoorzaamheid. Thoreau vond dat de “ meest bewuste supporters” van onrechtvaardigheid en “de grootste obstakels” voor hervormingen die mensen waren die, hoewel ze tegen de regering zijn; “haar hun trouw en ondersteuning geven”.[4] Hij nam aan dat er genoeg mensen waren om een einde aan de oorlog en de slavernij te maken wanneer zij veranderden van het hebben van meningen naar aktieve ongehoorzaamheid.

Het probleem is echter dat de meeste van ons gehoorzaam zijn. Maar wanneer enkele mensen de konsekwenties van ongehoorzaamheid accepteren door burgelijke ongehoorzaamheid te beoefenen, dan zullen anderen worden uitgedaagd om onrechtvaardige wetten en beslissingen te breken. Op deze manier laten ze ons zien, net als Thoreau ons liet zien, dat een van de obstakels voor het creeren van een rechtvaardigere wereld –de angst voor persoonlijke gevolgen- kan worden overwonnen.

Een defenitie van Burgelijke Ongehoorzaamheid

 

Burgelijke ongehoorzaamheid is voortgekomen uit liberale en humanistische tradities. Mensen die eerlijk geworsteld hebben met het dilema van moderne democratiëen hebben burgelijke ongehoorzaamheid als democratische handelswijze proberen te gebruiken om gerechtigheid te krijgen voor minderheden en andere groepen die worden onderdrukt (niet alleen Westerse democratiëen, maar ook dictatorschappen in de derde Wereld en socialistische een-partij landen zijn met burgelijke ongehoorzaamheid geconfronteerd). De dynamiek van de methode is gebaseerd op de basis van democratie-de dialoog. Burgelijke ongehoorzaamheid werkt alleen maar vanwege haar democratische dynamiek. Voor het onderuithalen van een onrechtvaardige wet is het essentieel dat er blijvend discussie over de juiste actie word gevoerd. Dit principe van dialoog is één van de verschillen tussen deze methode en methodes die direkt effect hebben zijn, zoals boycotten, staken, ongehoorzaamheid door grote groepen of directe actie. Deze methodes kunnen ook de democratie bevorderen, maar dienen vooral als politiek drukmiddel.

Wat is de rol van burgelijke ongehoorzaamheid in een democratie? In zijn nu klassieke boek, A Theory of Justice van 1971, onderzoekt John Rawls de rol van burgelijke ongehoorzaamheid in een “vrijwel rechtvaardig regime.”[5] Volgens Rawls is burgelijke ongehoorzaamheid niet moeilijk te rechtvaardigen in een onrechtvaardig regime, in een land waarvan de regering niet naar de wil van de meerderheid luistert. Het probleem is echter, hoe dat in een vrijwel rechtvaardig regime kan? Zijn theorie impliceert dat diegenen die burgelijke ongehoorzaamheid practiseren tot een minderheid behoren ddie zich tegen de wil van de meerderheid heeft gekeerd.

Volgens Rawls, is het onmogelijk om burgelijke ongehoorzaamheid te rechtvaardigen door voor religieuse of persoonlijke denkbeelden te pleiten. In de plaats daarvan moet men een appèl doen op het gevoel voor gerechtigheid van de gemeenschap. Hij neemt aan dat burgers onder een vrijwel rechtvaardig regime een algemeen begrip hebben van gerechtigheid. In dat geval verschaft burgelijke ongehoorzaamheid de minderheid met een methode die de meerderheid laat afwegen of de juistheid van de burgelijke ongehoorzaamheidsactie in overeenstemming is met hun gevoel voor gerechtigheid of niet. Een actie werkt in dit geval als een appèl.

Hij benadrukt dat het aan het individu is om te beslissen wanneer het goed is om burgelijke ongehoorzaamheid te beoefenen. Ieder mens is verantwoordelijk voor zijn of haar daden. Dat betekent niet dat we kunnen beslissen wat we maar willen. Een verantwoordelijk burger zijn betekent dat we de politieke principes die de wettelijke basis vormen voor ons soort van democratie in acht nemen. Burgelijke ongehoorzaamheid is, schrijft Rawls, een actie die zowel open, geweldloos, gewetensvol, politiek als ook illegaal is. Meestal is het het doel van burgelijke ongehoorzaamheid  om de wet of een beslissing van de regering te veranderen. Een actie doet appèl op het gevoel voor gerechtigheid van de meerderheid, en haar boodschap is dat de principes van de maatschappelijke samenwerking tussen vrije en gelijkwaardige mensen niet zijn gerespecteerd. Rawls maakt zelfs nog één onderscheid, namelijk dat  “directe” burgelijke ongehoorzaamheid gericht moet zijn tegen de wet die gebroken word. Het is deze wet die moet veranderen. “Indirecte” burgelijke ongehoorzaamheid echter, is gericht op een andere wet of beslissing dan die die zou moeten veranderen.

Ik gebruik een defenitie die enerzijds breeder en anderzijds smaller is dan Rawl’s defenitie. Dit is mijn defenitie:

  • Burgelijke ongehoorzaamheid is een open actie
  • Het is gebasseerd op geweldloosheid
  • De actie is illegaal of gaat tegen een bevel of beslissing in
  • Het directe doel van de actie is om een fenomeen in de maatschappij te behouden of te veranderen
  • De persoonlijke gevolgen van de actie zijn een belangrijk onderdeel van de boodschap.

“Burgelijke” betekekent meestal betreffende de burger. In de geweldloosheids beweging heeft “burgelijke” een iets andere betekenis. Burgelijke is, in dit geval, het tegenovergestelde van gewelddadig. Diegene die daden van burgelijke ongehoorzaamheid doen gedragen zich op een fatsoenlijke manier, met respect voor de tegenstander als mens. Met tegenstander bedoel ik gesprekspartner, diegene waarnaar de actie is gericht. Gesprekspartners kunnen bij de ene actie vertegenwoordigers van de wet zijn en bij een andere eigenaars van een bedrijf.

Mijn defenitie is in die zin breeder dan Rawl’s defenitie omdat ik niet, zoals hij, de eis stel dat iemand serieuse persoonlijke overtuigingen moet hebben. Ik ben geinteresseerd in een actie die een speciale politieke dynamiek heeft. Ik zie geen redenen om een oordeel over de psyche en het geweten van de activist in een defenitie op te nemen. Burgelijke ongehoorzaamheid is ook burgelijke ongehoorzaamheid wanneeer enkele twijfelaars er aan meedoen. Zij kunnen net als de gelovenden tijdens de rechtszaak een dialoog beginnen over wat goed en wat verkeerd is.

Een ander verschil tussen onze defenities is dat Rawls onderscheid maakt tussen gewetensbezwaar maken en burgelijke ongehoorzaamheid. Gewetens bezwaar maken is dat iemand een beslissing of bevel weigert uit te voeren vanuit gewetens bezwaren. Het is dus, zegt Rawls, meer een private morele actie dan een politieke actie. Maar openlijk gewetensbezwaar maken op een arbeidsplek kan politieke gevolgen hebben. Volgens mijn defenitie kan gewetensbezwaar maken ook burgelijke ongehoorzaamheid zijn, mits alle criteria worden vervuld.

In een open actie gaan de deelnemers de gevolgen van een actie niet de weg.  Daarom is het schilderen van een anonieme politieke boodschap op een muur in het midden van de nacht, wanneer niemand je kan zien, geen burgelijke ongehoorzaamheid-hoewel, op zich, het schilderen van boodschappen op muren heel goed kan zijn ook al is het geen burgelijke ongehoorzaamheid!

Ongehoorzaamheid kan volgens de ene wet illegaal zijn en volgens een andere legaal. Het verzet van Martin Luther King en de Noord Amerikaanse burgerrechten beweging tegen racistische staatswetten is één voorbeeld. In meerdere gevallen werden hun acties goedgekeurd door federale wetten. De ontwapeningsacties van de Ploegschaarbeweging zijn ook een goed voorbeeld hiervan. Tijdens de rechtszaken na de acties, zeggen we dat de wapens die we ontwapenen, volgens de internationale wetgeving, illegaal zijn-de Nueremberg Principes, bijvoorbeeld-en dat wij volgens die wetgeving verplicht zijn om te protesteren.[6]

Burgelijke ongehoorzaamheid is altijd een politieke daad. Het overstijgt de persoonlijke belangen van de deelnemers. Sommige mensen vinden daarom dat privé acties niet tot de burgelijke ongehoorzaamheid horen. Persoonlijk belang kan echter vaak de voornaamste drijfveer zijn. Een vriendin van mij werd op een morgen wakker toen haar hele kamer een grote stofwolk was. Het bedrijf dat eigenaar was van het appartementen complex was begonnen met de renovatie van het appartement van de buren. Mijn vriendin weigerde om verder huur te betalen en eiste compensatie. De huisbaas stemde met haar eisen in. Ze kreeg een vergoeding en hoefde die maand geen huur te betalen. Hoewel haar strijd privé was, ging het nog steeds om haar rechten als huurster. Daarom oversteeg het haar persoonlijke belangen en kan het vooval worden gezien als burgelijke ongehoorzaamheid. Burgelijk verzet was lange tijd synoniem aan burgelijke ongehoorzaamheid. Nu echter word het vooral gebruikt voor burgelijke ongehoorzaamheid ten tijde van oorlog tegen een aanval of een coup. Heilige of Godelijke gehoorzaamheid  word op dezelfde manier gebruikt als burgelijke ongehoorzaamheid.

In het begin gebruikte Gandhi de uitdrukking “passief verzet” met ongeveer dezelfde betekenis als geweldloos verzet. Deze uitdrukking is niet zo populair vandaag, omdat het woord “passief” verkeerde associaties heeft.

Zoals ik al eerder zei, betekend verzet ongehoorzaamheid of weigering. Het is een breed concept en kan gebruikt worden voor van alles; van militaire dienst tot aan de weigering van mijn kleine broertje om zijn eten op te eten. Verzet is bniet altijd iets goeds. Het can ook destructief zijn. Zelfs geweldloos verzet is niet altijd positief en ook burgelijke ongehoorzaamheid niet. Mensen die geloven dat burgelijke ongehoorzaamheid altijd goed is, plaatsen de methode boven de wensen en behoeftes van anderen. Zoals bij iedere actie, moet men ongehoorzaamheid beoordelen op de beweegredenen en de manier waarop ze word uitgevoerd. Noch de politieke resultaten, noch het gebruik van de juiste methode kan de negatieve gevolgen van een actie rechtvaardigen.

Het Verschil Tussen Burgelijke Ongehoorzaamheid en Directe Actie

 

Burgelijke ongehoorzaamheid is niet in de eerste plaats bedoeld als methode om de publieke opinie te beïnvloeden maar is vooral een manier om anderen uit te dagen om ongehoorzaam te zijn. De actie kan dit niet op zichzelf bewerkstelligen. Alleen in combinatie met straf word de actie een echte uitdaging van de gehoorzaamheid. Natuurlijk is het niet vol te houden dat Thoreau’s speciale methode altijd de beste is. Burgelijke ongehoorzaamheid is simpelweg een methode die in een bepaalde historische context het beste kan worden gebruikt om bepaalde doelen te bereiken.

Een groep zoals de natuurbeschermingsorganisatie Grenpeace bijvoorbeeld, houd vol dat wat zij doen geen burgelijke ongehoorzaamheid is, ookal zijn veel van hun acties illegaal. Wanneer activisten van Grenpeace aan een railing van een schip, dat afval in de zee wil dumpen, hangen, dan is het politieke effect van de actie belangrijk. De actie moet, met de hulp van de massa media, de beslissings makers beïnvloeden. De acties van Greenpeace moeten “directe actie” worden genoemd.

Directe actie betekend dat het doel gelijk is aan de middelen. Dat kan symbolisch gebeuren, zoals bij de vredesbeweging in Zweden, toen zij serieus ging werken aan het stoppen van wapenexporten in 1983. We waren een losjes verbonden groep van vredes werkers die samen een wapentransportschip tegen hielden. Door ervoor te zorgen dat de wapens een uur vertraagd werden, wilden we ons doel om alle wapentransporten te stoppen symbolisch duidelijk maken. Directe actie kan ook het doel zelf realiseren. Dakloze mensen die een huis kraken realiseren één van hun doelen. Een winkel beginnen waarin producten worden verkocht die direct van coöperatieven in de Derde Wereld worden gekocht is een voorbeeld van legale directe actie. zo’n winkel creëert een nieuwe economische orde op een kleine schaal.

De meeste directe acties werken ook indirect en symbolisch omdat ze de beslissingsmakers en anderen beïnvloeden. Voor Greenpeace is het sterke indirecte effect het doel van de actie. Ze bereiken dit indirecte effect door te laten zien wat er moet gebeuren. Wanneer activisten aan een railing hangen, stoppen ze het schip met hun lichaam om afval op hen en in de zee te dumpen. Symbolische acties sluiten symbolen van macht niet uit. Christelijke activisten in Engeland zijn om een of andere reden gek op kettingen. Ze ketenen zichzelf vast aan de toegangshekken van militaire basissen bijvoorbeeld. Dit word niet gedaan omdat de kracht van de kettingen hun helpt bij het bereiken van hun doel, maar om hun boodschap naar een groter publiek over te brengen.

In de VS ontstond aan het einde van de jaren zestig een conflict tussen diegenen die directe lichamelijke actie hooghielden en hen die burgelijke ongehoorzaamheid beter vonden. Een vergelijkbaar debat vind vandaag in Europa plaats. Sommige groepen in de vrouwenbeweging bijvoorbeeld, houden vol dat pogingen tot fysiek effectief verzet leid tot een “terreur balans” gebaseerd op lichamelijke kracht, hetgeen grote groepen uitsluit van de strijd. Geweldloosheid  wordt dan een elitistisch fenomeen. Mijn eigen kritiek op lichamelijk verzet is dat het alleen bruikbaar is in bepaalde historische situaties, namelijk wanneer er zoveel mensen meedoen met de actie dat de autoriteiten niet bereid zijn of niet in staat zijn om voldoende middelen te gebruiken om hen tegen te houden. Ze kiezen er dan liever voor om te onderhandelen. We zijn echter nog niet op dat punt aangeland. Om het fabriceren van wapens te stoppen met effectieve acties, moeten waarschijnlijk vele duizenden mensen aan de acties deelnemen.

Totdat we zover zijn, zal ongehoorzaamheid voornamelijk worden gebruikt om verzet te mobiliseren en om een dialoog te beginnen. Zelfs tijdens een groeiend massal verzet, zullen discussies met de tegenstander belangrijk blijven. Democratie is gebasseerd op de aanname dat alle betroffen partijen tot een overeenstemming komen. Verzet moet gebasseerd zijn op democratie.

Een ander risico met fysiek effectief verzet  is dat deze manier van denken frustratie veroorzaakt wanneer het mislukt. Het resultaat kan dan een onnodige ongerichte strijd zijn, meestal met de politie, die leid tot acties die de strijd symbolisch schade aan doen. De acties worden dan een ondersteuning voor het gedrag van de tegenstander en een obstakel voor anderen om actief mee te doen. In plaats van een bruikbare directe actie waarbij het doel het middel is, krijg je dan een strijd om te laten zien wie er lichamelijk het sterkste is en riskeer je dat de middelen het doel worden. Dit is een groeipunt voor geweld.

Burgelijke ongehoorzaamheid is afhankelijk van direct contact met diegenen die het systeem ondersteunen. Om een dialoog te kunnen voeren, zijn acties en een rechtszaak nodig. Doordat sommigen de gevolgen van hun acties op zich nemen, worden anderen aangemoedigd om hetzelfde te doen.

 

De Methode van de Ethiek

Burgelijke ongehoorzaamheid kan het beste gezien worden als een dialoog. Het is een dialoog met de tegenstander doormiddel van acties en rechtszaken en een dialoog met andere burgers, gebaseerd op de uitdaging  die de straf inhoud. De discussie gaat over twee onderwerpen: wat is mogelijk en onmogelijk en wat is goed en wat is fout.

Tijdens een onsuccesvolle poging in partij politiek toen ik nog een tiener was, zag ik hoe de vragen, wat is goed en wat is mogelijk, gescheiden werden. Geweldloosheid doet het tegen over gestelde, volgens haar traditie. Haar ethiek en de gegeven omstandigheden zijn nauw met elkaar verbonden. Dit is geen harmonieuse konflikt vrije relatie, maar het is nietemin een relatie. Verzet is gebaseerd op beide condities.

Tot op zekere hoogte staan we andere toe om ons gedrag te bepalen, naar gelang onze interpretatie van wat mogelijk is. Door onze daden kunnen we deze algemene interpretatie bevistigen of veranderen. Zo word het bijvoorbeeld als vanzelfsprekend beschouwd dat alléén regeringen in ontwapenings onderhandelingen kunnen beslissen welke wapens moeten worden vernietigd. Wanneer arbeiders in een wapenfabriek of andere mensen opeens zelf wapens gaan ontmantelen, veranderd ons inzicht over wat er mogelijk is en wie verandereringen kan doorvoeren.

Ons gedrag word ook beheerst door onze interpretatie van wat in het algemeen als goed wordt beschouwd. Door onze daden bevestigen of veranderen we dit inzicht. De wet respecteren en geen eigendom vernietigen zijn twee morele principes die onze cultuur eigen zijn. Wanneer natuurbeschermings activisten, machines die de natuur vernietigen, uit elkaar halen, en wanneer de wet de vernietiging van de natuur beschermt, dan worden deze twee principes in een ingewikkelde manier met elkaar geconfronteerd en hebben we de mogelijkheid om ons begrip over wat goed en wat fout is te vergroten.

Om ervoor te zorgen dat de dialoog gaande word gehouden, gebruikte Gandhi bij verzets acties een methode die kan worden vergeleken met  het beklimmen van een trap. Dat hield in dat een kampagne zou moeten beginnen met onderhandelingen en daarna escaleert, eerst met protest, daarna boycot, non- cooperatie en burgelijke ongehoorzaamheid en als dat allemaal niet hielp dan zouden een schaduwleiderschap en alternatieve instituten moeten worden opgericht. Tijdens de bekende zoutmars, waarbij de Indiers de Engelse koloniale wetten braken en zelf zout haalden uit zeewater, vroeg een journalist aan Gandhi wat hij zou doen wanneer de authoriteiten niet zouden reageren. “Dan moet ik de kampagne escaleren,” was het antwoord.

De reacties van de tegenstander zijn een noodzakelijk onderdeel van verzet, of ze nu consessies doen of mensen in de gevangenis zet. Maar dit is niet omdat de tegenstander zijn ware natuur laat zien door zijn reacties, zoals sommige geurrilla groepen claimen. Met daden laat de tegenstander alleen maar zijn standpunt zien, en dat is iets wat kan veranderen. Door een reactie uit te lokken, word de hele gemeenschap, met zijn leiders en burgers, tot een dialoog gedwongen.

De dialoog moet niet worden stopgezet omdat de strijd op een bepaald punt stokt en geen aandacht meer krijgt. De discussie kan echter worden gestaakt vanwege een omgekeerde fout. Alleen de sterken en iniligenten kunnen met grote passen de trap op. Wanneer angstloze activisten te snel vooruit lopen kan de mogelijkheid tot dialoog worden vernield, wanneer mensen zich echter geblokkeerd voelen komt dat zelden doordat de strijd te snel is geescaleert. Veel slechte acties zijn eerder een uitdrukking van de frustratie van de deelnemers dan een serieuse poging om kontakt met de tegenstander te zoeken.

Soms kan het minder cotroversioneel zijn om burgelijke ongehoorzame acties te doen die leiden tot lange gevangenisstraffen dan acties die slechts kleine boetes tot gevog hebben. Daar zijn twee redenen voor. Bij een actie waar de risiko’s laag zijn voor de deelnemers is de aandacht te veel gericht op de actie zelf. Bij sterkere acties met overeenkomende hogere straffen, zullen veel meer mensen vraagtekens zetten bij de reacties en standpunten van de authoriteiten- mits natuurlijk de actie word opgevat als evenwichtig en moreel correct. Bij acties die geen juridische consequenties hebben, proberen de activisten vaak om de actie sterker te maken door provocatief gedrag om daarmee het verschil tussen de standpunten van de activisten en de authoriteiten duidelijk te maken. Maar er zijn betere manieren om een dialoog te beginnen dan door te provoceren.

De Ethiek van de Methode

Burgelijke ongehoorzaamheid betekend niet dat je jezelf boven de wet stelt. Zelfs wanneer een wet gebroken wordt wordt ze niet genegeerd. De deelnemers van een actie sluipen niet stiekem weg om de gevolgen van de actie te vermijden. Burgelijke ongehoorzaamheid is een politieke daad die de confrontatie met de wet aangaat en die beweert een hoger inzicht en uitvoering van gerechtigheid te hebben. Te beweren dat je hogere waarden nastreeft dan de wet betekend niet dat je weet wat de waarheid is. Het is slechts een startpunt voor dialoog. Hopelijk kan een overeenkomst worden bereikt. Dit beweren van het hebben van hogere waarden heeft vaak succes gehad, bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van het recht om te staken en de vrijheid van religie.

Soms is het nodig om jezelf boven de wet te stellen. Dan kies je niet voor burgelijke ongehoorzaamheid maar een andere, beter passende, methode. Wanneer bijvoorbeeldeen vluchteling, als ze wordt uitgezet, de kans loopt om vervolgd te worden, dan is burgelijke ongehoorzaamheid niet altijd toepasbaar. De vluchteling verstoppen is dan vooral een humane daad, die alleen politieke consequenties heeft waneer de ondergedoken vluchtelingen  hun activiteiten in de openbaarheid kunnen brengen. Alleen wanneer een groep haar activiteiten openlijk bespreekt kunnen die activiteiten  burgelijke ongehoorzaamheid worden genoemd.

Wat geeft ons het recht om de wet te breken?

Om te beweren dat ieder individu het recht heeft om zijn of haar geweten te gehoorzamen kan problematisch zijn, afhankelijk van hoe dit concept wordt uitgelegd. Wanneer het geweten word gezien als de privé-opvattingen van een individu dan kan het worden gebruikt als rechtvaardiging voor iedere actie. Thoreau begint zijn discussie over het geweten en hoe we weten wat goed is door te zeggen dat ieder mens een  fundamentele verantwoordelijkheid heeft voor zijn of haar medemensen. We zouden niemand onrecht aan moeten doen. In zijn boek Walden, geeft hij ook de rechten van de natuur en van dieren aan. Thoreau legt de basis voor het doen van burgelijke ongehoorzaamheid binnen ons begrip van wat werkelijk goed is. Hij beweert zelfs dat het onze plicht is om te doen wat we als goed beschouwen. Hij denkt dat ons geweten iets is dat buiten de privé-opvattingen van een individu staat. Dit kan worden geïnterpreteerd als algemene kennis van wat goed of fout is.

Gandhi dacht dat de waarheid vaststond. Maar hij zei dat onze opvatting van de waarheid veranderd. Niemand kan absolute kennis hebben van wat goed is. Het geweten word gevormd door de historische situatie en de eigen ervaringen van het individu. Burgelijke ongehoorzaamheid word dan een radicale inerpretatie van de normen en waarden van de huidige gemeenschap. Door dialoog tijdens de rechtszaak worden deze normen en waarden getest op de mening van de tegenstander. Zo lang het verzet openlijk word gepleegd, worden andere mensen ook uitgedaagd om aan deze dialoog mee te doen. Deze dialoog verhinderd dat de verzetsgroep in een secte veranderd en haar eigen vreemde normen en waarden ontwikkeld omdat ze geïsoleerd is.

Burgelijke ongehoorzaamheid is alleen effectief waneer het fungeerd als een morele uitdaging. Daarom is burgelijke ongehoorzaam onbruikbaar voor a-morele doeleinden, of voor doeleinden die in het algemeen als fout worden gezien. Natuurlijk zijn er voorbeelden van slechte burgelijke ongehoorzaamheid. Wanneer verzetsgroepen de mogelijkheid tot dialoog blokeren dan versterken en bevestigen ze de macht van de tegenstander. Dit kan worden gezien als negatieve dialoog: de mogelijkheden van de burgers om hun mening te geven en te begrijpen worden met iedere actie vermindered, en de ondersteuning voor de tegenstander groeit. maar waneer de tegenstander, voor puur tactische redenen de dialoog stopzet, dan worden de mogelijkheden van de verzetsgroep om in dialoog te gaan met andere burgers vergroot. Deze laatste ontwikkeling komt het meeste voor. Wanneer de tegenstander ziet dat de stilte zijn invloed en macht doet verminderen dan vermeerderen de kansen op een vruchtbare dialoog opnieuw. Stilte aan de zijde van de tegenstander kan daarom worden gezien als een belangrijk element in de dialoog. Dit moet echter niet worden verwisseld met de negatieve dialoog die ontstaat  wanneer de verzets groep de dialoog blokkeert.

We zien nu hoe de circel zich sluit. Burgelijke ongehoorzaamheid samen met ethiek en methode; Je kan het ene niet van het andere scheiden.

Geweldloosheid

Het zijn niet alleen het doel en de middelen of de etiek en de methode die met elkaar verbonden zijn. Ongehoorzaamheid heeft ook een directe relatie met gehoorzaamheid. Het vermijd niet datgene waartegen het strijd; eerder andersom, ongehoorzaamheid veronderstelt de aanwezigheid van gehoorzaamheid. men kan de gehoorzaamheid van mensen niet begrijpen als er geen ongehoorzaame mensen  zijn. Op dezelfde manier heeft geweldloosheid altijd een directe relatie met geweld. Geweldloosheid is een confrontatie, een negatie. Het is onjuist om het uitdelen van pamfletten of het demonstreren geweldloosheid te noemen-in ieder geval niet in democratische landen-omdat ze geen aanwezigheid van geweld veronderstellen. Zo kunnen we ook geweld niet bgrijpen wanneer er geen andere mensen zijn die geweldloosheid bedrijven. Het concept van geweldloosheid word vooral in drie soorten situaties gebruikt: bij burgelijke ongehoorzaamheid waarbij de activisten verwachten dat ze worden gearresteerd; bij het beschrijven van vreedzame manieren om jezelf te verdedigen tegen geweld; en bij pogingen om geweld binnen de eigen organisatie te verminderen.

Gandhi gebruikte satyagraha als een toevoeging bij geweldloosheid. Satya, hetgeen “waarheid” betekend, komt van sat, hetgeen zijn betekend. Agraha betekend “vasthoeden aan.” Gandhi gebruikte agraha als een synoniem voor “kracht.” Satyagraha is dan waarheids-kracht.[7] Volgens Gandhi kan, omdat niemand kan weten wat de hele waarheid is, geweld niet gebruikt worden om de waarheid aan anderen op te dringen. Satyagraha echter is geduld en sympatie. Geduld betekend zelf-leiden.[8] Burgelijke ongehoorzaamheid is daarom een noodzakelijk onderdeel van satyagraha.

Tegenwoordig heeft geweldloosheid meestal twee betekenissen: zonder geweld, of een strijd tegen geweld. Om van te voren te zeggen dat een actie zonder geweld zal plaatsvinden kan belangrijk zijn om de politie en de deelnemers een gevoel van veiligheid te geven. Geweld is hier gedefinieerd als iedere soort actie die psychologische of lichaamelijke schade aanrichten kan, acties die paniek veroorzaken meegerekend. De politie kan bijvoorbeeld worden geprovoceerd wanneer mensen gaan rennen of leuzen roepen.

Wij mensen zijn niet perfect en het is onmogelijk om helemaal vrij te zijn van geweld. In verband met burgelijke ongehoorzaamheid bijvoorbeeld hebben we autos of treinen nodig voor vervoer. Door dat te doen ondersteunen we bedrijven die aan wapenhandel doen, en zo dragen we bij aan de onderdrukking van de Derde Wereld. Het is daarom beter om de term geweldloosheid te gebruiken in de betekenis van strijd tegen geweld. Verzet is dan altijd op twee fronten. Het is een politieke strijd tegen onrechtvaardigheid in de maatschappij en het is een strijd tegen het geweld in onszelf. De herkenning van dit laatste aspect is gekomen via de feministische kritiek op de geweldloosheids-traditie tijdens de jaren ’70. De vrouwenbeweging zag verzet als een meerzijdige, collectieve strijd die ook binnen elke verzetsgroep plaats vond. Dit is vruchtbaarder dan het promoten van zelf-zuivering voor iedere actie, zoals Martin Luther King deed. De zuiverings aanhangers creëerden een spirituele hierarchie die alle mensen die zich niet zo zuiver in hun ziel voelden uitsloot. In plaats daarvan vraagt verzet van ons dat we ons in situaties plaatsen waarvan we radeloos en bang, of geïriteerd en  in een slecht humeur raken. Het is waarschijnlijk juister om te zeggen dat verzet voorafgegaan word door buikpijn dan door zuiverheid.

 

Waarom geweldloosheid?

Er zijn twee hoofdargumenten voor geweldloosheid. De ene is practisch en de andere etisch. De Noord Amerikaanse verzets expert Gene Sharp zegt simpelweg dat geweldloosheid effectiever is dan geweld.[9] Geweld leid tot meer geweld terwijl geweldloosheid het tegengaat. Natuurlijk zullen er slachtoffers vallen in de verzetsbeweging, dodelijke slachtoffers zelfs, maar de verliezen zouden veel groter zijn wanneeer geweld zou worden gebruikt. Een variatie op dit punt is de bewering dat geweldloosheid tegenwoordig de enige effectieve strijdvorm is in onze maatschappij. Diegene die dit beweren  acepteren mogelijk het gebruik van geweld door guerrillas op andere plaatsen, of militair geweld in de toekomst waneer een “buitenlandse aanvaller” ons aanvalt.

Anderen promoten geweldloosheid vanuit een etisch standpunt. Als je aanneemt dat ieder persoon van oneindig groote waarde is, dan kan je concluderen dat één persoon net zo waardevol is als twee of duizend mensen. Velen beweren het tegenovergestelde: dat twee mensen van meer waarde zijn dan één, en dat één persoon wellicht opgeofferd kan worden om er twee te redden. Hun bewering moet gebasseerd zijn op de gedachte dat de waarde van een mens beperkt is en niet oneindig, hoewel ze altijd als extreem hoog word beschouwd. Door de waarde van een mens te beperken kunnen ze het opofferen van een persoon voor de maatschappij rechtvaardigen.

Of men het nu practisch of ethisch bekijkt, geweldloosheid is een voorwaarde voor burgelijke ongehoorzaamheid. Omdat de acties en de gevolgen van de acties een morele uitdaging zouden moeten zijn, moet een zeker vertrouwen worden opgebouwd. Dit vertrouwen is onmogelijk wanner de verzetsgroep af en toe met geweld dreigt; angst zou een mentale blokade creëren en mensen ontoegankelijk maken voor de uitdaging. Burgelijke ongehoorzaamheid word dan een nieuwe zaaigrond voor angst. Ongehoorzaamheid in kombinatie met geweld versterkt de macht van de tegenstander. Wanneer sociale defensie experts zeggen dat het mogelijk is om burgelijk verzet met geweldadig verzet te combineren, dan hebben ze het doel van een verzets kampagne totaal verkeerd begrepen. Het is simpelweg onmogelijk om een politie agent tijdens een actie een kop koffie aan te bieden wanneeer de koekjes de laatste  keer vergiftigd waren.

[1] Thoreau, H.D., “Civil Disobedience,” The selected Works of Thoreau, Walter Harding, ed. (Boston: Houghton Mifflin Company, 1975).

[2] Ibid., p.796.

[3] Gandhi, M.K., Non-violent Resistance (New York: Schocken Books, 1985), p. 18.

[4] Thoreau, “Civil Disobedience,” Selected Works, Harding, p. 795

[5] Rawls, J., A Theory of Justice (Cambridge, Massachusetts: The Belknap Press of Harvard University Press, 1971), pp. 333-391.

[6] Na de Tweede Wereld Oorlog zijn bepaalde principes van het Internationaal Recht vastgesteld; de Nueremberg principes. Deze principes zijn van toepassing op alle burgers, niet alleen de officiele vertegenwoordigers van de gemeenschap. Volgens deze principes hebben burgers, wanneer een regering internationale wetten breekt, een grotere plicht om het internationale recht te gehoorzamen dan om hun eigen regering te gehoorzamen. Anders worden de burgers medeplichtig aan de misdaad van hun regering.

[7] Gandhi, Non-Violent Resistance, p. 38.

[8] Ibid., p. 6.

[9] Sharp, G., The politics of Nonviolent Action (Boston: Porter Sargent Publishers, 1980; originele uitgave 1973), in het byzonder Part One en Part Two.

The whole Path of Resistance book in English.